Zeeuws Vlaamse Kynologen Club ZVKC

 

Zo ziek als een hond

Zaterdagnacht, drie uur en ik word wakker van het getik van nagels op het parket in m’n slaapkamer. Nog niet zo lang in slaap, heb ik moeite m’n oogleden op te tillen, maar als dat uiteindelijk lukt, zie ik Merlijn, mijn 4 jarige Tervuerenaar, onrustig heen en weer lopen. Ik doe een halfwassen poging hem met tuttut geluidjes te kalmeren, maar even later wordt me duidelijk dat ik toch op zal moeten staan om de tuindeur voor hem open te doen. Zo gezegd, zo gedaan.

Eenmaal beneden, ik moet daarvoor een hele stijle wenteltrap af, strompel ik slaapdronken richting deur en Merlijn trekt een sprintje naar achter in de tuin. Voor Justine, m’n 7-jarig Tervuerenaartje, een teken dat er vast wel iets ernstigs aan de hand zal zijn, dus die rent er achteraan en begint midden in de nacht een potje te blaffen… Terwijl ik tracht Justine te kalmeren, ontdoet Merlijn zich van datgene wat hem zo onrustig heeft gemaakt.

Vijf minuten later liggen we, koekje d’r in links, koekje d’r in rechts, weer in bed. En nog eens vijf minuten later trekken we met z’n drieën weer een sprintje richting tuin. Pfff…. nog maar net op tijd.

Weer boven wordt het me duidelijk dat het niet echt lekker gaat met Merlijn. Heel raar, maar hij is onrustig en afwezig tegelijk. Oortjes liggen plat op het koppie en hij hijgt dat het een lieve lust is. Springt op bed, en er weer af, en er weer op, kan duidelijk z’n draai niet vinden. Vermoeid, het is tenslotte middenin de nacht, ben ik toch weer ingedommeld, om rond vieren wakker te worden van, wederom, nagelgetrippel. Ik lig op m’n rug, breng m’n rechterarm om hoog, wil op de plek naast me in bed kloppen met een “kom lekker bij het vrouwtje liggen, jongen”–gebaar en toen…. Gatverdegatverdegatver! Ik sla met m’n hand in een flinke brij verse kots! Terwijl ik m’n eigen kotsneiging met succes tegenga, hoor ik dat dat bij Merlijn niet lukt. Die loopt al kotsend de slaapkamer door. M’n walging slaat direct om in bezorgdheid. Dus ik sta op, heb nog wel de tegenwoordigheid van geest om het dekbed van het bed te rukken en opgevouwen in een hoek te gooien, doe het licht aan en zie m’n stoere reu als een zielig brokkie ellende, hijgend naar me opkijken. Van niet lekker zijn, nog geen uurtje geleden, is tie veranderd in een doodzieke hond en ik kan niets doen om hem te helpen. Het kotsen houdt maar niet op; hij kotst, ik ruim, hij kotst, ik ruim. Geen idee waar ie het allemaal vandaan haalt en inmiddels is de lucht op de bovenverdieping niet meer te harden. Maar als ik rond half vijf een grote plas bloed zie, slaat de schrik me om het hart en besluit ik, redelijk in paniek, de dierenarts te bellen.

Gelukkig heeft m’n eigen dierenarts dienst en die weet me te kalmeren. Er zal wel een bloedvaatje zijn gesprongen door het vele kotsen, zegt ie. En dat ik maar om halfnegen naar de praktijk moet komen.

’k Heb de uren afgeteld, met Merlijn hééél dicht bij me. Zelfs als ik op het toilet zat, kroop ie haast in me; één brokkie hijgend ellende. En eindelijk konden we dan richting dierenarts. Onderweg, toen de waterige ontlasting van Merlijn meer uit bloed dan wat anders bestond, bereikte m’n ongerustheid z’n absolute hoogtepunt.

Ik zal jullie de nogal onsmakelijke onderzoeken van de dierenarts besparen, maar de uiteindelijke diagnose was dikkedarmontsteking. Er gingen twee prikjes in, en twintig minuutjes later ging ik met twee volle dozen medicijnen, enige (!) euros lichter, maar enorm opgelucht, weer richting huis.

We zijn die ochtend niet gaan trainen, ook niet met Justine, want ik wilde hem niet uit het oog verliezen, zo ziek was tie…

Was ja, want, ongelooflijk, zo ziek als dat ie ’s–nachts en ’s–ochtends was…. Tegen vieren zou je gezworen hebben dat alles maar een nare droom is geweest.

Zo ziek als een hond wil dus eigenlijk niks anders zeggen dan, eehh….. nou ja, dat je zo weer opgeknapt bent!

Bianca


ZVKC is aangesloten bij de Raad van Beheer op kynologisch gebied in Nederland.